Yvonne: 'Een goed paard heeft geen kleur, als het maar een vos is' • Dressuur Magazine Ga naar hoofdinhoud

Yvonne: ‘Een goed paard heeft geen kleur, als het maar een vos is’

Yvonne Hooge

Nieuwsgierig kroop ik afgelopen vrijdag achter mijn laptop. Na een drukke werkweek was het tijd voor wat ontspanning, dus schakelde ik in voor de livestream van de KWPN Hengstenkeuring. Nu ben ik helemaal niet thuis in de fokkerij, maar wel erg geïnteresseerd in wat een paard goed maakt of in dit geval ook een mogelijke verrijking voor het stamboek.

Waar ik paarden al snel als ‘mooi’ beoordeel, probeerde ik eens iets kritischer te kijken. Wat viel me op? Tijdens de eerste ronde krabbelde ik vrolijk mee met wat ik dacht te zien in de hengsten. Waar mijn omschrijvingen in de richting van “mooie hals” of “krampachtig achterbeen” gingen, konden de experts daar natuurlijk veel betere termen aan geven. Toch klopten mijn voorspellingen in de eerste twee rondes en ik dacht te snappen waar op gelet werd.

Tot het Penny-meisje in mij wakker werd bij het binnenkomen van nummer 557, Sorento x Rousseau. Een prachtige, grote vos met flink wat wit die in het rond draafde en galoppeerde alsof hij compleet op zijn gemak was. Vanaf jongs af aan heb ik een zwak voor vospaarden en deze vond ik ook direct geweldig. Ik wist het zeker: deze wordt aangewezen! Nou, tot zover mijn voorspellende gaven, want de knappe vos werd niet geselecteerd. Geluk bij een ongeluk was dat hij ’s middags geveild zou worden. Helaas had ik geen 20.000 euro liggen, dus ging mijn sprookjespaard naar een ander.

Vanaf daar ging het bergafwaarts met wat ik dacht te zien. Een hele groep nakomelingen van één hengst vond ik maar een vreemd achterbeen hebben, maar daarvan werden meerdere hengsten aangewezen. Ook had ik bij een aantal paarden diep respect voor de mensen die met hen werken, aangezien ze niet het meest makkelijke karakter leken te hebben. Sommigen liepen bijna dwars door de zweep heen, anderen lieten nog eens hun hoeven zien aan de helpers. Ik vroeg me af in hoeverre nakomelingen van deze hengsten in de toekomst te rijden zullen zijn door de gemiddelde ruiter.

Die vraag werd gevoed door het contrast dat ik daarna zag bij het terugkijken van de aangewezen Gelderse hengsten. Daar werden alleen allround-paarden geselecteerd en werd gesproken over hoe fijn de paarden te rijden waren, ook buiten. Het karakter, met name de nuchterheid en het willen werken, leek op één te staan. Natuurlijk heeft het zo zijn voordelen om verder door te fokken en de perfecte beweger samen te stellen, maar ik vraag me af of we niet doorslaan in slechts één factor. De moderne paarden worden met spectaculaire bewegingen geboren, met de keerzijde van hypermobiliteit of blessures. De topruiters zullen het temperament van zo’n krachtpatser in goede banen kunnen leiden, maar ik ben bang dat deze paarden op de gemiddelde stal niet uit de verf komen met alle frustraties ten gevolg, bij mens en dier.

Als ik zou mogen kiezen, zou ik dan ook zeker gaan voor meer allrounders. Dit bij zowel paarden als ruiters trouwens, maar misschien daarover later meer! Nuchtere paarden die hun hoef niet omdraaien voor planten langs de baan (zoals één van de hengsten vrijdag die onderweg even een hapje nam), kliko’s op buitenrit of een felgekleurde sprong in de baan. Sterke, stabiele dieren die je een paar dagen kunt laten staan zonder dat je moet longeren voor het rijden of met knikkende knieën opstapt. En jullie voelen het al aankomen: misschien wat extra vospaarden? 😉

Yvonne

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Lees ook