Motivatie is de sleutel • Dressuur Magazine
Berichten
Foto: Arnd Bronkhorst www.arnd.nl

Motivatie wordt gedefinieerd als de innerlijke wil om iets te doen om een bepaald doel te bereiken. Om je paard tot een echte partner maken die in de loop der jaren gemotiveerd blijft om te werken, is een even complexe uitdaging als het trainen van je dressuurpaard om de oefeningen te leren zelf. Maar volgens Uta Gräf is voor echt succes met je paard zowel de techniek als de motivatie onmisbaar.

Lastig

In tegenstelling tot ons als ruiter heeft een paard geen hoger doel voor ogen achter elke stap die we hem vragen te doen. Wij zijn voorbereid dat het veel tijd en energie kost om nieuwe dingen te leren  en onszelf te verbeteren als ruiter, maar een paard heeft daar geen benul van. Als we niet willen dat dressuurpaarden gewoon een middel worden om onze ambities waar te maken, moeten we nadenken over manieren om ze gelukkig te maken in hun werk vindt Gräf.

Geen universeel recept

Er bestaat geen universeel recept om een paard te kunnen motiveren om zijn werk te doen, maar Gräf heeft met haar jarenlange ervaring wel een paar tips, die zij belangrijk vindt en die bij kunnen dragen aan het krijgen van een happy atlete.

Om te beginnen moet je volgens de Duitse amazone het paard absoluut als een uniek individu behandelen. Dat betekent dat je rekening moet houden met de aard, de persoonlijkheid, het karakter en de natuurlijke capaciteiten van elk paard. Als je dat doet, respecteer je het paard en dat zou de morele plicht van iedere ruiter moeten zijn volgens Gräf. Het maakt niet uit of je een getalenteerd of een gemiddeld paard traint. Het respecteren van een paard betekent ook het respecteren van zijn mentale en fysieke grenzen. Dan heb je de mogelijkheid om te zorgen dat een paard graag met je werkt en dat is uiteindelijk je doel.

Laat je paard een paard zijn

“Dit klinkt misschien te simpel, maar ik ben ervan overtuigd dat de belangrijkste factor om je paard zin te laten hebben in zijn werk is om hem de mogelijkheid te geven om ook gewoon paard te zijn”, zo stelt Gräf op Dressagetoday. “Het doet er niet toe dat paarden duizenden jaren gedomesticeerd zijn geweest. Ze zijn en blijven altijd kudde- en vluchtdieren. Ik beweer niet dat dit de regel is, maar al te vaak zien we waardevolle paarden gewikkeld in de spreekwoordelijke watten, die het grootste deel van de dag in de stal doorbrengen, terwijl in de natuur een paard tot 30 kilometer zou bewegen per dag. Om te voldoen aan de natuurlijke behoeften van paarden, en beweging is een essentiële, is het lang niet genoeg om ze elke dag slechts een uur onder het zadel te trainen.”

Op stal bij Gräf staan de paarden dagelijks meerdere uren in de paddock of de wei en doordat de hekken tussen de paarden half hoog zijn hebben ze ook onderling contact. “Mochten paarden die naast elkaar staan het niet kunnen vinden met elkaar, dan zoek ik een andere oplossing, net zo lang tot dat het wel gaat”, aldus Gräf.

Belonen en mét je paard werken

“Zorg dat je je paard altijd beloont als hij antwoord geeft of probeert antwoord te geven. Beloon hem met je stem of aai hem over over zijn hals. Als je aan je paard laat merken dat je blij bent met wat hij doet, dan doet hij het de volgende keer weer als je het vraagt”, vervolgt Gräf. “Geef hem ook altijd de ruimte om naar voren toe weg te kunnen en belemmer hem niet met je handen. Onthoud dat je met je paard wilt werken en niet met hem wilt vechten. Vraag jezelf als het niet goed gaat af waardoor dat nou komt. Vaak helpt het om een stapje terug te doen en eerst nog even iets beter alles te bevestigen voordat je verder gaat.

Vermogen

Je kunt alleen werken met de natuurlijke vaardigheden van het paard. Probeer hem uit te dagen om zijn volle vermogen aan te kunnen spreken, maar vraag niet meer van hem dan wat hij kan. Soms is hij ergens nog niet aan toe en heeft hij nog wat tijd nodig, maar soms heb je ook gewoon de grens bereikt en dan moet je je erbij neerleggen dat je wel zo goed mogelijk kunt trainen wat hij al kan, maar dat je ook een grens bereikt hebt. Doe je dat niet en blijf je pushen, dan wordt je paard daar niet gelukkiger van en jijzelf ook niet.

Training

“Zorg er tijdens je training voor dat je altijd begint met iets dat je paard graag doet en dat het gemakkelijk voor hem is om uit te voeren, zodat hij zich zelfverzekerd voelt als je later naar meer veeleisende oefeningen gaat. De opwarmfase aan het begin is iets heel persoonlijks. Toch is het van het grootste belang dat je begint met stappen. Hoe lang is dan afhankelijk van het paard.”

Niet te veel tegelijk

Pas op dat je niet te veel tegelijk wilt doen met je paard en stel jezelf elke keer een doel. In het losrijden is dat misschien de ontspanning, in het doorwerken juist wat meer verzameling en wissel regelmatig af in het werk. Wanneer je veel varieert in de mate van verzameling en oprichting en ook steeds even stretcht en ontspant tussendoor, dan houd je je paard makkelijker gemotiveerd dan wanneer je heel lang steeds hetzelfde blijft vragen. Voor elk stukje kun je een doel stellen, zo lang je maar niet alles tegelijk bereikt wilt hebben.

Lange teugel als beloning

Doet je paard iets nieuws of iets moeilijks goed of zelfs heel goed, geef hem dan direct daarna lange teugel en laat hem een een rondje (of twee) bijkomen. Dat kan in draf of galop, maar het voordeel van het in stap doen is dat je paard gelijk even op adem kan komen.

Kleine hulpen

Rijden met zo klein mogelijke hulpen is ook fijn voor een paard. Natuurlijk moet je hem leren om op die kleine hulpen te reageren, maar als hij dat doet, dan is het zaak om daar als ruiter heel consequent in te blijven. Hoe kleiner je de hulpen kunt geven, hoe stiller je kunt blijven zitten en hoe beter je je paard kunt volgen in de beweging. Dat is ook een goede manier om je paard gemotiveerd te houden.

Eindig makkelijk

“Het maakt niet uit of je het doel hebt bereikt dat je hebt gesteld voor een trainingssessie of niet, eindig zoals je bent begonnen: met iets dat je paard graag doet, omdat het gemakkelijk voor hem is om uit te voeren. Het is van het allergrootste belang dat een paard met een positief gevoel teruggaat naar de stal.”

Rijd ook buiten

Buitenrijden is niet alleen goed als afwisseling en ontspanning, het helpt vaak ook om je dressuurpaard op een ongedwongen manier te motiveren om te werken. Buiten zijn de meeste paarden van zichzelf een stukje meer voorwaarts en als je daar als ruiter dan ook op inspeelt door met weinig hulp te rijden, dan voelt je paard zich vaak ook in de rijbaan weer een stuk vrijer en vaak gemotiveerder om te bewegen.

Bodem

Een ander positief neveneffect van buitenrijden is dat je paard gemakkelijker op minder ideale bodems kan presteren op wedstrijden. Rijden buiten in de bossen of velden heeft zoveel voordelen en positieve effecten op het fysieke en mentale welzijn van het paard dat je het een onmisbaar onderdeel van het trainingsprogramma van je dressuurpaard moet maken.

Bron: Dressagetoday

hrlijn

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.