Hoe herken je… problemen in de bovenlijn? • Dressuur Magazine
Artikelen
Foto: Arnd Bronkhorst www.arnd.nl

Als je dressuur rijdt, is het belangrijk om de bovenlijn van je paard te ontwikkelen. Om dat te doen moet je paard ook leren om zijn buikspieren te gebruiken. Waarom is dat zo belangrijk en hoe kan je weten of de bovenlijn van jouw paard wel in orde is? We vragen het aan Keesje de Hollander, paardensportmasseur en dressuurinstructrice.

“Ik kom vrij regelmatig arm bespierde en pijnlijke bovenlijnen tegen” vertelt Keesje. “Dat is niet fijn voor ruiter en paard. Paardeneigenaren vragen mij dan ook vaak hoe dat komt en wat ze kunnen doen om het te verbeteren. Belangrijk is dat het niet alleen gaat om de bovenlijn, maar vooral ook om de onderlijn.”

Problemen herkennen

Signalen van problemen in de bovenlijn en pijnlijke en strakke rugspieren zijn:

  • Tijdens het borstelen de rug hol of heel hard maken;
  • Lelijk doen als je het zadel op de rug legt;
  • De staart scheef of heel hoog dragen;
  • Moeilijk aanspringen in galop;
  • Moeilijk nageeflijk te rijden;
  • Bekken niet willen kantelen en achterbenen niet onder het lichaam brengen.

Oorzaken van problemen in de bovenlijn

Als je deze signalen ziet, wat zijn dan mogelijke oorzaken? “Allereerst een slecht passend zadel” zegt Keesje. “Soms zie je een kuiltje achter het schouderblad, vaak veroorzaakt door een knellend zadel. Dat heet atrofie, afname van de spiermassa. De spieren bij de schoft worden afgekneld en slecht doorbloed tijdens het rijden door het knellen van het zadel. De spieren kunnen zich dan niet ontwikkelen. Als je zadel bijvoorbeeld niet de juiste boommaat heeft, gaat het schuiven of knellen. De rugspieren krijgen daar vervolgens last van. Je komt dan strakke rugspieren tegen of zelfs arm bespierde ruggen.

Ook kleine kreupelheden in de benen of andere rugproblemen kunnen de oorzaak zijn van problemen in de bovenlijn. Keesje: “Paarden die al een tijdje last hebben van een lichte blessure of aandoening aan een been, gaan compenseren. Zij krijgen dan bijna altijd ook strakke schouder -en rugspieren. Een paard met een aandoening aan de ruggenwervels, krijgt ook strakke spieren, omdat hij het liefst de rug helemaal niet meer beweegt. Hierdoor kan ook spieratrofie van de rugspieren ontstaan. Laat daarom altijd een dierenarts komen wanneer problemen langer aanhouden.”

Stijfheid en een strakke bovenlijn ontstaan ook wanneer het paard – ondanks een goede gezondheid en een passend zadel –  niet over de rug wil lopen. “Soms wordt dit veroorzaakt doordat de ruiter moeite heeft om het paard correct te trainen. Een paard moet van achter naar voren, naar de hand toe over de rug lopen. Wanneer dat niet gebeurt, spant hij de buikspieren te weinig aan, waardoor de rugspieren niet kunnen ontspannen. Die worden dan pijnlijk of strak.”

Als je de oorzaak van de pijnlijke en strakke rugspieren niet wegneemt, kun je oefenen en trainen wat je wilt, maar blijven de problemen terugkomen. Kijk dus kritisch naar wat er in jouw geval aan de hand kan zijn.

Het belang van buikspieren

“Ruiters en amazones hebben vaak vooral aandacht voor de rugspieren” stelt Keesje vast. “Die zijn ook heel belangrijk, een paard heeft sterke rugspieren nodig om de ruiter te dragen. Maar laten we de buikspieren niet vergeten, die zijn net zo belangrijk. Misschien nog wel belangrijker! Hoe sterker de buikspieren zijn, hoe beter het paard de rugspieren kan verlengen en de ruiter op een juiste manier voor een langere tijd kan dragen.”

“Als een paard last heeft van zijn rug zal hij zijn buikspieren niet voldoende aanspannen. Hij wil dan ook zijn bekken niet goed kantelen. Maar ook paarden waarbij in de training weinig aandacht besteed wordt aan de core stability (sterke rug, buik en rompspieren) hebben slappe buikspieren en zullen hun rug en andere bovenlijnspieren niet op de juiste manier gebruiken.”

Slappe onderlijn herkennen

Hoe zie je nu dat een paard slappe buikspieren heeft? Keesje: “Een goed en overduidelijk voorbeeld zijn fokmerries. Je kent dat beeld wel van de wat uitgezakte buiken en iets holle ruggen. Dat zien we ook wel bij oudere paarden waar minder mee gewerkt wordt. Deze paarden hebben armbespierde ruggen en een hangbuikje. Ze zijn meestal niet dik, want juist bij deze oudere paarden zien we de ribben vaak.”

“Een paard dat getraind wordt en toch slappe buikspieren heeft, geeft hetzelfde beeld, maar meestal in mindere mate. Kijk dus eens kritisch naar je paard in stand en vergelijk zijn boven en onderlijn met elkaar, want het is de bedoeling dat de ontwikkeling van de onderlijn en de bovenlijn van het paard in balans zijn.”

Keesje de Hollander is paardensportmasseur, dressuurinstructrice (Orun 4) en wedstrijdamazone op ZZ-Zwaar niveau. Keesje werkt vaak samen met osteopaten, zadelpassers en dierenartsen. Ze vindt het belangrijk om vanuit verschillende disciplines samen te werken om het paard te verbeteren. Keesje geeft paardensportmassage en instructie via haar website www.hetsoepelepaard.nl .

hrlijn

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.