Goede overgangen kunnen maken is onmisbaar • Dressuur Magazine
Artikelen
Foto: www.arnd.nl

In een serie die de FEI wilde maken over tips die topdressuurruiters geven om naar de top te kunnen komen, kwam er een telkens weer terug. Alle drie de ruiters die gevraagd werden, Sönke Rothenberger, Patrik Kittel en Severado Lopez, gaven aan dat je moet zorgen dat je overgangen kunt rijden, omdat je er anders niet komt.

Lopez: ‘Weg en terug’

Lopez benadrukt het belang om je paard vanaf het begin af aan te leren vertrekken op elk moment dat je dat wilt en ook weer terug te komen. “Natuurlijk kun je van een driejarige niet verwachten dat hij uitstrekt als een ervaren paard, maar je kunt hem wel leren altijd te vertrekken als je been geeft”, aldus de Spaanse ruiter. “Als hij volwassener en sterker wordt dan kun je hem leren ook echt groter te gaan en niet alleen maar meer naar voren, maar ook dan wil ik nog dat ze vertrekken wanneer ik het vraag.”

Eerst verzamelen

“Wanneer een paard dan toe is aan echt uitstrekken, dan laat ik ze graag net voor het groter gaan eerst even iets verzamelen, dan geef ik been en sta ik toe met mijn hand zonder dat ik ze los laat aan de voorkant”, vervolgt Lopez. “En als je dan het geluk hebt dat je paard ook getalenteerd is, dan kun je hem heel expressief groter laten gaan op die manier.”

Rothenberger: ‘Eigenlijk heel makkelijk’

De favoriete oefening van Sönke Rothenberger is volgens hemzelf eigenlijk gewoon heel makkelijk: “Het is gewoon een kwestie van heel veel overgangen rijden. Stap-galop, galop-stap, draf-galop, galop-draf en zo verder.”

Scherp

“Het gaat er allemaal om dat je checkt of je paard scherp is aan je been en aan de hulpen. Het gaat niet alleen om de overgangen tussen de gangen, maar ook om overgangen binnen de gangen”, vervolgt de Duitse ruiter. “Een grotere draf, dan weer verzameld. Een beetje sneller, een beetje langzamer. Je paard moet snel reageren en makkelijk. Je kunt het op alle niveaus doen met je paard, zo lang je rekening houdt met zijn africhtingsgraad.’

Kittel: ‘Veel, echt veel, veel meer zelfs dan je denkt, tempowisselingen’

“Vraag op heel veel manieren overgangen naar voren en weer terug. Schakel op heel veel manieren binnen de gangen en varieer heel veel in de series overgangen die je vraagt”, is het advies van de Zweedse ruiter. “Blijf niet hangen in een specifieke oefening of overgang, ook of zelfs zeker niet als het niet helemaal lukt.”

Makkelijk

“Hou het een beetje makkelijk. Je hoeft echt niet vaak de moeilijke dingen en oefeningen te rijden. Ook met een Grand Prix-paard gaat het vooral om het ‘simpele’ werk als overgangen halt, stap, draf en galop.”

Bron: FEI

hrlijn

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.