Houdingsprobleem: Wiebelende onderbenen • Dressuur Magazine Ga naar hoofdinhoud

Houdingsprobleem: Wiebelende onderbenen

Foto: Arnd Bronkhorst
Foto: Arnd Bronkhorst

Ook al weet je best hoe het ideale plaatje eruitziet, zelf helemaal correct op je paard zitten is toch lastig. Dressuuramazone en houding- en zitspecialist Barbara van den Broek vertelt over veelvoorkomende problemen in houding en zit en geeft handige tips om zelf mee aan de slag te gaan. Vandaag: wiebelende onderbenen.

“Wiebelende onderbenen zijn eigenlijk altijd een gevolg van iets anders”, begint Barbara van den Broek. “Als je in een juiste houding in balans op je paard zit, kun je de bewegingen door laten vloeien in je eigen lichaam. Hiervoor is het belangrijk dat je romp stabiel is, zodat je je armen en benen ‘los’ kunt laten en daardoor ontspannen in het ritme meedeinen. ” Er wordt weleens gezegd dat je je knieën ‘vast’ zou moeten zetten om mooi stil te zitten, maar dit is niet de bedoeling. Barbara legt uit: “Het gaat om één zijn met de beweging van je paard. Balans is daar waar er precies voldoende samengewerkt wordt met de juiste spierspanning. Je benen moeten relatief ontspannen langs je zadel liggen maar wel met een beetje spierspanning. Te slappe benen wiebelen te veel omdat ze niet ondersteunen. Bij te veel klemmen beweegt er in de romp teveel omdat de benen niet helpen de beweging te laten doorvloeien.”

Romp     

Sommige ruiters vinden de onafhankelijke zit lastig, omdat ze te weinig rompstabiliteit hebben. Er is dan te weinig aanspanning en samenwerking in de rug- en buikspieren om de beweging op te kunnen vangen. Daarnaast is de stand van het bekken en de wervelkolom van belang. Zit recht op de zitbeenknobbels, met je onderrug in een lichte holling en de bovenrug in een lichte bolling. “Sommige ruiters missen balans, waardoor hun armen en benen niet ontspannen en dus stil kunnen blijven.” Zoals bij heel veel problemen in houding en zit, is het ook bij wiebelende onderbenen verstandig de houding en het spiergebruik van de romp goed onder de loep te nemen. Een andere oorzaak van wiebelende onderbenen is het (vaak onbewust) klemmen en knijpen met de bovenbenen, wat sommige ruiters doen om te proberen hun benen zo stil mogelijk te houden. Barbara vertelt dat dit juist averechts werkt. “Als je klemt, kun je de bewegingen van je paard niet goed door laten vloeien naar beneden, waardoor je onderbenen juist gaan wiebelen, in plaats van dat ze mooi stil blijven. Je verliest hiermee het verende aspect, wat juist zo belangrijk is.”

Drijven

Ook drijven bij iedere pas die je paard zet, leidt tot onrustige onderbenen. Veel ruiters doen dit onbewust. “Het probleem is dat je paard hierop afstompt en er zo aan went dat hij niet goed meer op je been reageert”, legt Barbara uit. “Het drijven is niet functioneel meer. Door te knijpen met je bovenbeen, komt een paard vaak juist terug. Je veroorzaakt ruis, je hulpen komen niet goed door. Bovendien zal je paard zijn rug eerder hol dan bol maken als je te veel knijpt. Bovendien krijgt het paard weinig ruimte om zijn rug omhoog te drukken en zijn buikspieren aan te spannen als je knijpt met je bovenbenen.” Is het geen onbewuste handeling, maar drijf je toch iedere pas? Dan komt dat door te weinig balans en drijf je door jezelf vast te houden aan je paard.

Tips voor stille benen:
  • Zorg ervoor dat je niet nog harder gaat knijpen om je benen stil te houden. Ga recht op je zitbeenknobbels zitten en ontspan je bilspieren, zodat je diep in het zadel komt te zitten. Daardoor ben je ook flexibel in je heupgewrichten. Laat je bovenbenen ontspannen langs je zadel hangen, je knie wijst naar voren wanneer je binnenkant van het dijbeen vlak tegen het zadel ligt. Je onderbenen liggen ontspannen tegen buik van je paard. Daarbij komt je enkel onder het bekken. Oftewel: je knie boven je tenen.
  • Een stabiele romp met de juiste hoeveelheid spanning in rug- en buikspieren is van belang bij een goede zit. Als je romp niet stabiel is, kunnen je benen onmogelijk stil zijn. Houd je rug recht met zoveel spanning in je buik- en rugspieren dat je in balans blijft en toch mee kunt veren. Het is hierbij belangrijk de spieren in je bovenrug te strekken. Laat iemand zachtjes aan de teugels trekken als je op je paard zit. Voel je de spieren aanspannen halverwege je rug, onder je schouderbladen? Dit zijn o.a. de spieren die je rug stabiliseren.
  • Merk je dat je klemt met je benen? Probeer eens extreem te klemmen en dan los te laten, om bewust te worden van hoeveel spierspanning je hebt. Als je stapt, wat voel je dan? Wat is het verschil in spierspanning in je benen als je aandraaft? Voel je meer spanning in je benen? Ga dan terug naar stap en probeer bewust te ontspannen als je weer aandraaft.
  • Klem je door onbalans? Train je balans door tijdens lichtrijden twee passen te blijven staan en dan weer één pas te zitten.
  • Let erop dat je je hakken niet overdreven naar beneden drukt. Dit gaat namelijk gepaard met veel spierkracht en dat is niet goed. Je enkels moeten ontspannen kunnen blijven veren en je moet gevoel houden.
  • Omdat een onrustige beenligging vaak onbewust door de ruiter zelf veroorzaakt wordt, is het belangrijk te focussen op jezelf. Wees je bewust van wat je met je benen doet! Let goed op je hulpen en de reactie van je paard en kom niet in de verleiding om iedere pas te drijven. Wees consequent, dan los je het snel op.

Wanneer je het moeilijk vind om een aangewend patroon te doorbreken, zoals het drijven bij iedere pas, dan is daar een handig hulpmiddel voor. De re-mind is een klein apparaatje die je in de polsband stopt en trilt om de paar minuten om je steeds bewust te maken van wat je doet. Kijk op www.remindvoorruiters.nl voor meer informatie.

Tekst: Eline Menkveld