De Stelling: 'Rassenwedstrijden niet voor winstpunten laten tellen' • Dressuur Magazine
Algemeen
Foto: Stacey Wigmore/www.arnd.nl

Op veel rassenwedstrijden verzamelen ruiters met Tinkers, Arabieren en Friezen hun winstpunten voor de volgende klasse. Zo komen deze combinaties allemaal een keer in het Z terwijl ze op ‘gewone’ wedstrijden niet altijd winstpunten scoren. Daarnaast is een besloten wedstrijd voor een bepaald ras ook raar. Er zouden toch eigenlijk geen rassen uitgesloten mogen worden voor een wedstrijd? Grand Prix-ruiters Marc-Peter Spahn en Bennie van Es, die ook actief is als jurylid tot en met de Lichte Tour, reageren.

De Stelling: ‘Rassenwedstrijden mogen niet voor winstpunten tellen’

Marc-Peter Spahn

“Toen ik met Friezen begon, hadden juryleden moeite om ze tussen de warmbloeden goed te beoordelen. Vervolgens zijn de rassenwedstrijden opgestart en ik ben heel blij dat ze er zijn. Het voelt als een familie en er wordt enthousiast naar het ras gekeken. Ik vind het goed dat er positief wordt gepunt, maar het moet natuurlijk niet doorslaan naar een soort Sinterklaas. Op rassenwedstrijden worden vaak dezelfde juryleden uitgenodigd omdat ze lekker veel punten geven en dat vind ik geen goede zaak. Op FEI-wedstrijden mogen juryleden ook niet meer dan twee keer achter elkaar op hetzelfde concours jureren. Ook ik ben natuurlijk heel blij als ik hoge punten krijg, maar ik vind dat ruiters zelf realistisch moeten blijven. Ondanks de winstpunten moeten ze zich serieus afvragen of ze klaar zijn voor de volgende klasse. Het afschaffen van winstpunten vind ik niet kunnen en ik denk dat deze wedstrijden dan uitsterven. Het is van belang dat er realistisch wordt gepunt en dat zorgt ervoor dat iedereen zich wil verbeteren. Met andere rassen blijft het lastig tussen de warmbloeden. Doordat het Friese ras door de WBFSH niet erkend is als sportpaard, mocht ik met Elias 494 vorig jaar niet starten op de laatste selectie van het WK voor Jonge Dressuurpaarden terwijl we daarvoor wel de punten hadden gehaald. Toen was ik het ‘vreemde ras’ tussen de ‘normale paarden’. Van mij hoeft er niet ieder jaar een Fries naar het WK, maar als er een keer een goede tussen zit, waarom niet?”

Bennie van Es

“Als ruiter en jurylid heb ik natuurlijk twee petten op, maar in beide situaties zie ik geen verschillen tussen rassenwedstrijden en gewone wedstrijden. In de beoordeling hou ik altijd dezelfde maatstaf aan. Het maakt mij niet uit wat de kleur of het ras is, zolang het paard het gevraagde laat zien volgens de richtlijnen van de KNHS en de FEI. Ik geef ook geen hogere punten op een wedstrijd voor bijvoorbeeld Haflingers dan dat ik op een Subtopwedstrijd doe. Dat zou onzin zijn. Ik heb zelf alle soorten en kleuren van de regenboog op stal staan en heb als ruiter nog nooit ervaren dat er op rassenwedstrijden hogere punten worden gegeven dan tussen de warmbloeden. Vroeger werden Friezen wel gediscrimineerd, maar dat is echt verleden tijd. Ze zijn tegenwoordig alom geaccepteerd, ook in de Subtop. Als ze doen wat er wordt gevraagd, krijgen ze prima punten. Bij de aparte rassen zijn er paarden die wat minder aanleg hebben voor bepaalde onderdelen, maar dat geldt net zo goed voor de warmbloeden. Ik zou ook niet weten waarom rassenwedstrijden niet voor winstpunten zouden mogen tellen. De juryleden zijn immers goed opgeleid en horen net zo te punten als op andere wedstrijden. En combinaties die in het Z1 belanden en niet klaar zijn voor de volgende klasse, zitten op een gegeven moment aan hun plafond. Als ze geen wissels kunnen springen, krijgen ze echt geen punten meer.”

Bron: Dressuur

Deze Stelling stond in Dressuur 4-2017. Bestel losse uitgaven hier, of word hier abonnee.

Tekst: Ellen Liem

 

 

hrlijn

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.