Jureren kun je leren: Jonge paarden beoordelen • Dressuur Magazine
Algemeen
Foto: www.arnd.nl

Op Jumping Amsterdam wordt de finale van de Subli Competitie verreden, de landelijke competitie voor vier- en vijfjarige dressuurpaarden. Dressuur Magazine organiseert tijdens deze finale samen met Jumping Amsterdam de Masterclass ‘Jureren kun je leren’. We spraken internationaal jurylid Janine van Twist over het jureren van jonge dressuurpaarden.

Janine: “De beoordeling in de Subli-competitie is net anders dan bijvoorbeeld op het Wereldkampioenschap voor jonge dressuurpaarden. De combinaties rijden een vrije proef met een aantal vaste onderdelen. Het is zowel een aanlegtest als een dressuurproef. Het zwaartepunt ligt bij de beoordeling van de stap, draf en galop. Daarnaast geef je ook cijfers voor proefgerichte zaken, waarbij het bijvoorbeeld belangrijk is dat alle verplichte onderdelen zijn uitgevoerd. Ook geschiktheid als dressuurpaard, houding en zit van de ruiter en het effect van de hulpen tellen mee.”

Proeven op L en M niveau

“De vierjarigen rijden een proef die lijkt op de L-proeven, met bijvoorbeeld voltes 12 tot 15 meter en wijken voor het been. De vijfjarige paarden rijden een proef die vergelijkbaar is met het M2. Er zit travers in, schouderbinnenwaarts en keertwendingen. Er wordt nog geen verzameling gevraagd en daar wordt dan ook niet op beoordeeld.”

Janine geeft een aantal aandachtspunten voor zowel ruiters als juryleden: “De tijd is belangrijk. Een combinatie heeft maximaal zes minuten voor een proef en na vijf-en-een-halve minuut klinkt de bel. Als de ruiter de proef te laat beëindigt moet je als jurylid strafpunten geven. Dat is natuurlijk erg jammer. Ook vergissingen en niet-getoonde onderdelen leveren strafpunten op. Het gebeurt bijvoorbeeld wel eens dat iemand twee keer naar rechts wijkt, in plaats van een keer naar links en een keer naar rechts.”

Slim rijden

“Omdat het een vrije proef is, kan de ruiter optimaal de sterke kanten van het paard tonen. Dat is nou juist het leuke, je kan kiezen wat het best uitkomt voor jouw paard. Alle juryleden zitten bij C, dus je kan spelen met waar je de onderdelen uitvoert. Het is een 20 x 60 baan dus er is tijd en plaats genoeg, maar je moet er wel even over nadenken van te voren. Als het paard bijvoorbeeld een fantastisch voorbeen heeft, dan toon je alle uitgestrekte gangen naar de jury toe. En wanneer de travers nog niet zo goed bevestigd is, toon die dan op een plaats waar de slagingskans groter is.  Bijvoorbeeld op de hoefslag van de jury af.

Een normale proef duurt tegenwoordig dik vier minuten. Dus je hebt bijna twee minuten meer in deze jongepaardenproef. Vaak zie je in deze competitie dat mensen het niet voor elkaar krijgen om een reservelijn te rijden als er een onderdeel minder goed gaat. Terwijl ze toch echt genoeg tijd zouden moeten hebben. Dat is erg jammer want dan kan je niet laten zien dat je paard het onderdeel wel beheerst.”

Gangen beoordelen

Janine raadt deelnemers aan de Masterclass aan om thuis alvast de protocollen van de Subli-competitie te bekijken en vooral ook de weegfactor van de verschillende onderdelen. “De gangen tellen vier keer, het gereden zijn drie keer, de proefgerichte onderdelen twee keer en het cijfer voor de ruiter één keer. Dat is wel belangrijk om in je achterhoofd te houden, al moet je natuurlijk vooral gewoon beoordelen wat je ziet.”

In het volgende artikel van deze serie zal Janine tips geven voor het beoordelen van de gangen van het jonge dressuurpaard.

Janine van Twist geeft de Masterclass ‘Jureren kun je leren’ samen met haar Zweedse collega Magnus Ringmark op donderdag 24 januari, tijdens de finale van de Subli Cup. Op vrijdag 25 januari is er ook een Masterclass, dan gaat het om de internationale Grand Prix proeven. Klik hier voor meer informatie en aanmelden voor deze masterclasses.

Bron: Dressuur

 

hrlijn

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.