De 3 meest gemaakte ruiterfouten in de basis • Dressuur Magazine
Algemeen
Marlon van Wissen met haar paard Cadiz.

Iedere dressuurruiter begint zijn wedstrijdcarrière bij de basis, de klasse B en L. Pas als alles in orde is kun je iedere keer een klasse hoger gaan. Volgens Grand Prix-jurylid Marlon van Wissen willen we alleen vaak te veel en te snel. Als ervaren jurylid tot en met Grand Prix-niveau deelt ze daarom graag haar ervaringen op basisniveau.

Naast Subtop amazone, instructeur van proefgerichte clinics en coach van wedstrijdruiters is Marlon van Wissen ook enthousiast jurylid tot en met Grand Prix-niveau. Ze is met grote regelmaat in het juryhokje te vinden om combinaties in de lagere en hogere klassen te jureren. Haar conclusie; dressuurruiters doen vaak hun best, maar er kan zeker nog veel verbeterd worden. Een overzicht van de drie meest gemaakte ruiterfouten.

  1. Te weinig diepgang in het rijden

    ‘Ten eerste is het helemaal niet erg als er iets mis gaat in een proef. Dat is inherent aan het basisniveau en hoort er ook gewoon bij. Het is alleen wel erg dat veel ruiters steeds dezelfde fouten blijven maken en er niet van leren. Ze blijven stug doorrijden en komen zo niet verder op niveau. Je moet bereid zijn om jezelf te ontwikkelen als ruiter. Dat is ook waar de sport om draait. Natuurlijk mag je fouten maken, niemand haalt een 100% score, zelfs niet topruiters als Charlotte Dujardin of Edward Gal. We rijden allemaal niet perfect en dat is ook geen probleem, maar sommige ruiters moeten wél harder werken om zichzelf te verbeteren. Als je op de rug van een paard gaat zitten heb je de verantwoording om je paard goed te kunnen begeleiden. Daarvoor is het belangrijk om je te verdiepen in het paard en daarbij aan jezelf (als ruiter) te werken.’

  2. Geen zelfreflectie

    ‘Het paard is voor de ruiter een vriendelijke spiegel en laat zien wat je zelf als ruiter niet goed doet. Heel veel ruiters kijken helaas niet of te weinig in de eigen spiegel die het paard ze voorhoudt. Ze zitten bijvoorbeeld verkeerd op hun paard of geven niet de juiste hulpen. Ze focussen zich alleen maar op hoe het paard loopt en letten niet op hun eigen lichaam. Als je aan jezelf werkt, dan ontwikkelt je paard mee en ga je pas écht beter rijden. Als je bijvoorbeeld vindt dat je paard niet goed door de wendingen loopt, dan moet je eerst bij jezelf te raden gaan of je hulpen wel correct zijn en je goed met je lichaam mee beweegt. Leg niet direct de schuld bij het paard als hij tijdens een oefening niet wil inbuigen. Natuurlijk kan een paard ergens last van hebben in zijn lijf, maar dat zijn de uitzonderingen. Kijk eerst naar je eigen rijden en hoe je dat kunt verbeteren. Dit vergt diepgang, maar leidt uiteindelijk ook tot meer resultaat!’

  3. Te veel en te snel

    ‘Het komt geregeld voor dat ruiters vooral bezig zijn met een klasse hoger te komen in de plaats van te werken aan een goede basis. Ze sprokkelen steeds winstpuntjes bij elkaar op wedstrijden om maar in een hogere klasse te kunnen starten. Ze willen te veel en te snel en dat werkt uiteindelijk niet. Op een gegeven moment kom je gewoon jezelf tegen. Er is te weinig aandacht voor de basis en het gymnastiseren van je paard. Als je paard niet genoeg los is in zijn lijf is, dan worden de oefeningen in de klasse hoger ook steeds moeilijker om uit te voeren. Het klinkt misschien heel cliché, maar zorg eerst dat je je paard én je eigen inwerking goed voor elkaar hebt, voordat je op hoger niveau wedstrijden gaat rijden. Dit is niet in de laatste plaats ook heel belangrijk voor de gezondheid en het behoud van je paard.’

Bron: Dressuur

hrlijn

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.