Blog
Yvonne Hooge
Toen ik een jaar of tien was, droomde ik over een grote, zwarte, jonge hengst met een klein kolletje, zonder verdere aftekeningen. Vanzelfsprekend zouden we springwedstrijden gaan rijden, wat overigens alleen met mij op zijn rug lukte, want anderen zouden het dier niet kunnen rijden. Inmiddels rijd ik een Tinkermerrie bij en op de jonge leeftijd na zijn er geen overeenkomsten. Toch heb ik minstens evenveel plezier als wat ik toen verwachtte.

 

Het is typerend voor wat ik om me heen hoor, als mensen op zoek gaan naar een paard. Ze stellen een eisenlijstje op, bezoeken verschillende bruine merries tussen de 1.60 en 1.68, in de leeftijd van twaalf tot vijftien jaar oud en komen thuis met een zesjarige schimmelruin van 1.75. Dit omdat het dier hun aandacht trok, de verkoper aandrong om ook een ander paard te proberen of omdat ze op slag verliefd waren. Hetzelfde geldt voor het karakter van het paard, al dan niet aan het ras gebonden. Er wordt gezocht naar een nuchtere koudbloed voor de kinderen en een talentvol, sensibel warmbloedpaard voor de moeder, waar eenmaal thuis na een paar maanden blijkt dat de koudbloed minder onverstoorbaar is dan verwacht en de warmbloed van geen enkele bakkabouter opkijkt.

Het mooie is dat er vaak wordt geroepen dat een goed paard geen kleur heeft, terwijl de dressuurringen volstromen met zwarte dieren na het eerdere succes van Totilas of er volop op Gelders bloed ingezet wordt na het vroege succes van Henkie. Bewust of onbewust linken we bepaalde eigenschappen aan een ideaalbeeld, ongeacht of dit om het uiterlijk of het karakter van een dier gaat. De scherpte en het sensibele van vele toppaarden vallen bij basisruiters soms compleet verkeerd, waarna een paard als onhandelbaar en gestoord wordt afgedaan.

Het doet me altijd pijn om mensen te horen vertellen dat ze bang zijn om met hun paard bezig te gaan, omdat ze hem onvoorspelbaar of onbetrouwbaar vinden. Ooit droomden zij vast van die ontspannen tijd met een eigen paard, die nu minder onbezorgd blijkt te zijn. Uiteindelijk streeft iedereen – hoop ik – naar harmonie in het rijden en hoe gaat dat lukken als paard en ruiter niet op één lijn zitten?

Eigenlijk is er aan het eind maar één punt waar je naar zou moeten kijken: zoek een paard dat bij jou past, zowel vanuit het zadel als vanaf de grond. Streep je eisenlijstje door en ga op zoek naar dat ene paard dat je hart zo snel laat kloppen als dat droompaard dat je altijd in je hoofd hebt gehad.

Yvonne Hooge

1 reactie op “Yvonne: Droompaard

  1. C beleg schreef:

    Beste Yvonne,

    Zelf ben ik ook opzoek naar een paard en inderdaad ik heb een ‘eisenlijstje’. Ik neem je tips zeker mee in mijn overwegingen. Het doet mij denken aan het feit dat ik niet een auto maar een wezen koop.

    Enorm bedank!

    Corinne

hrlijn

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *