Artikelen
Foto: Arnd Bronkhorst www.arnd.nl

Travers rijden is een oefening, die voor sommige ruiters en paarden lastig is om te leren. Toch wordt de travers soms onnodig moeilijk gemaakt, want eigenlijk is het een oefening, die je als je begrijpt wat de bedoeling is, best makkelijk kunt uitvoeren. 

Grand Prix-amazone Belinda Nairn-Wertman legt op Dressagetoday uit wat belangrijk is bij het rijden van travers en waar je goed op moet letten.

Voorwaarden

Voordat je aan travers gaat werken met je paard is het belangrijk dat je aan bepaalde voorwaarden voldoet. Zo moet je paard netjes van achter naar voor door zijn lijf gaan en moet hij oefeningen zoals wijken, schoudervoor en schouderbinnenwaarts beheersen. Als ruiter moet je het gevoel kennen van voorwaarts rijden met een fijne verbinding en consequent zijn in je hulpen. Wat ook belangrijk is, is dat je als ruiter weet wanneer je paard welk been naar voren zet zodat je op het juiste moment kunt drijven.

Voorwaarts

Wanneer je je paard travers wilt leren kun je dat vaak beter in draf doen dan in stap, omdat je anders het voorwaarts gaan te makkelijk kunt kwijtraken. Voor een ruiter is het wel vaak makkelijker om het gevoel eerst een paar keer in stap te voelen.

Meenemen

Wanneer je begint met een volte van tien meter aan het begin van de lange zijde, hoef je eigenlijk alleen maar in deze buiging rechtuit te gaan langs de hoefslag. Houd je buitenbeen wat terug als je vanuit de volte rechtuit gaat en laat je paard niet recht worden, maar laat hem met zijn neus in de richting van het eind van de lange zijde gaan, terwijl je zijn lichaam zo gebogen houdt als op de volte.

Richting

Met de oefeningen als wijken en schouderbinnenwaarts heeft je paard al geleerd te buigen en opzij te gaan voor je been. Het verschil met travers is, is dat hij niet gebogen is in tegengestelde richting waarin hij gaat, maar juist gebogen in de richting. Bij schouderbinnenwaarts rechtsom kijkt je paard naar rechts en gaat hij naar links en bij travers rechtsom is hij naar rechts gebogen en kijkt hij in de richting waarin hij gaat.

Buitenachterbeen

De travers is de eerste oefening waarbij gevraagd wordt om het buitenachterbeen extra onder de massa te zetten en het is daarmee een stap in de richting van appuyementen en de wat zwaardere oefeningen. Het buitenbeen van de ruiter is in de travers ook niet meer alleen begrenzend, maar moet het buitenachterbeen van het paard echt activeren.

Tempo

Concentreer je erop dat je het tempo hetzelfde wilt houden als op de volte wanneer je je paard een paar passen travers wilt laten doen. In het begin kun je al blij zijn met een enkel pasje met zijn achterhand naar binnen en hem dan weer rechtuit laten gaan. Hoe meer je oefent hoe makkelijker het wordt. Blijf vooral ook zelf in de richting rijden waar je heen wilt en blijf goed in het ritme drijven.

Zitten

Blijf als ruiter goed zitten op je paard, want je moet niet alleen met je buitenbeen drijven, je moet ook zorgen dat je je binnenbeen lang houdt zodat je je paard gebogen kunt houden. Wanneer je helemaal scheef zakt naar de buitenkant toe, dan kun je je binnenbeen niet meer correct hebben liggen en ook niet verwachten dat je paard goed blijft gaan.

 

Bron: Dressagetoday

hrlijn

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *